Achter de detectiepoorten van de Tweede Kamer - zoals bij de douane van een luchthaven - wacht Roelien Kamminga me op. Zelfverzekerd, nuchter en met die onmiskenbare tongval die haar nog altijd typeert. Ik zal haar later nog vaker treffen, maar dan in een compleet andere setting: in Zuidbroek - het dorp waar ze woont en opgegroeid is - en in haar appartement in Den Haag.
We delen geschiedenis. Onze middelbareschooltijd op de Winkler Prins in Veendam ligt al jaren achter ons, maar haar directe manier van praten herken ik meteen. Destijds viel ze op door haar uitgesproken mening en snelle manier van redeneren. Dat ze uiteindelijk de politiek in zou gaan, had misschien niet iedereen voorzien. Verbaasd ben ik niet, nieuwsgierig naar haar verhaal ben ik wel.
Opgegroeid tussen akkers en idealen
Lidia: Je komt uit een rood nest, toch?
Roelien: “Zeker. Mijn grootouders van beide zijden stemden altijd PvdA. Politiek was geen dagelijks gespreksonderwerp, maar maatschappelijke betrokkenheid kregen we met de paplepel ingegoten. Het besef dat je niet alleen voor jezelf leeft, maar ook iets moet betekenen voor anderen, dat vond ik vanzelfsprekend. De VVD leek op het eerste gezicht misschien een gekke keuze, maar voor mij draait het om verantwoordelijkheid nemen. Niet wachten op verandering, maar zelf de handen uit de mouwen steken.”
Lidia: Hoe heeft Zuidbroek jou gevormd?
Roelien: “In een klein dorp leer je met iedereen omgaan. Je hebt niet de luxe om je vrienden zorgvuldig te selecteren, je groeit gewoon met elkaar op. Dat maakt je flexibel en leert je om te luisteren naar verschillende perspectieven. Dat helpt me nog steeds in de Kamer: begrijpen waar mensen vandaan komen, wat hen drijft.”
Van internationale politiek naar Den Haag
Lidia: Op de middelbare school had je al een sterke mening. Had je toen al politieke ambities?
Roelien: "Ik wilde journalist of parlementair verslaggever worden. Maar gaandeweg merkte ik dat ik niet alleen wilde observeren. Ik wilde onderdeel zijn van de verandering."
Dat besef bracht haar uiteindelijk naar de studie Internationale Betrekkingen aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Roelien: "Ik vond het fascinerend hoe landen samenwerkten, hoe politieke structuren invloed hadden op ons dagelijks leven. Het was een logische stap."
Lidia: Je hebt bij de VN in Wenen gewerkt. Hoe was dat?
Roelien: “Ongelooflijk leerzaam. Ik werkte aan internationale veiligheidsvraagstukken en zat ineens in vergaderingen met diplomaten uit alle hoeken van de wereld. Dat was soms surrealistisch. Maar ik merkte ook: politiek is niet iets abstracts. Het gaat over mensen en hun dagelijks bestaan."
Toch trok Nederland. Roelien keerde terug, werkte als ambtenaar bij verschillende ministeries en was tussen 2019 en 2021 programmadirecteur voor het programma 'Groningen Versterken en Perspectief', gericht op de aanpak van aardbevingsschade door gaswinning. In 2021 maakte ze de overstap naar de Tweede Kamer als VVD-Kamerlid.
Lidia: Van ambtenaar naar Kamerlid – hoe groot was die omschakeling?
Roelien: “Best groot. Als ambtenaar werk je achter de schermen, als Kamerlid sta je vooraan. Je wordt bekritiseerd, beoordeeld, en alles wat je zegt ligt onder een vergrootglas. Maar ik wist waarvoor ik het deed. Ik wil bijdragen aan goed bestuur, aan beleid dat niet alleen in de Randstad werkt, maar óók in Groningen.”
Balans
Lidia: Tijdens je ritten naar Zuidbroek ben je nog steeds aan het werk, of het nu bellen in de auto is of werken achter je laptop in de trein. Hoe vind je balans tussen werk en privé?
Roelien: "Het is een uitdaging. Ook in het noorden heb ik vaak nog zakelijke verplichtingen. Maar ik probeer bewust tijd vrij te maken voor ontspanning: lezen, tuinieren, Netflixen, tijd doorbrengen met familie en natuurlijk knuffelen met mijn katten. Die momenten geven me - naast mijn baan die nooit slaapt - ook energie."
Lidia: Je woont zowel in Den Haag als in Zuidbroek. Hoe ga je met deze dualiteit om?
Roelien: "Den Haag laat me de complexiteit van de politiek laten zien en het belang van strategisch denken. Zuidbroek herinnert me aan mijn roots, aan nuchterheid en directheid. Die combinatie zorgt ervoor dat ik met beide benen op de grond blijf staan - of met de poten in de klei, zoals ze in Groningen zeggen, ongeacht de situatie."
Uitdagingen
Politiek bedrijven is geen eenvoudige opgave. De sfeer in de Kamer is de afgelopen jaren verhard en de polarisatie groeit. Debatten zijn scherper, persoonlijke aanvallen op politici komen vaker voor, en sociale media versterken de druk nog verder. De verwachtingen zijn torenhoog, niet alleen van de kiezer, maar ook van de media en de eigen partij.
Lidia: Hoe ga je om met die druk?
Roelien: “Het is een veeleisend vak. Je krijgt bakken kritiek en moet een sterke ruggengraat hebben. En als vrouw in de politiek moet je je extra bewijzen. Soms gaat het niet eens over je standpunten, maar over je stem, je kleding of je gewicht. Daar moet je tegen kunnen. Maar ik laat me niet uit het veld slaan. Ik geloof in wat ik doe en waarom ik hier zit. Uiteindelijk gaat het niet om mij, maar om het werk dat we hier doen. Daar houd ik me aan vast.”
Lidia: Wat zie je als jouw belangrijkste missie?
Roelien: “De gevolgen van de gaswinning zijn nog elke dag voelbaar. Aardbevingsschade, trage compensatie en wantrouwen richting de overheid – Groningen verdient échte oplossingen, geen lapmiddelen. En nu er tekorten dreigen, hoor je ineens weer stemmen om de gaskraan open te draaien. Eerst recht doen aan de Groningers, dát is de prioriteit. Waar mensen wonen die net zoveel recht hebben op een veilig en voorspelbaar bestaan als de mensen in de Randstad. Daar blijf ik me voor inzetten. En ik wil laten zien dat je als Kamerlid dichtbij jezelf kunt blijven. Dat je niet hoeft te veranderen in een karikatuur. Dat meisje uit Zuidbroek herinnert me daaraan, elke dag weer.”
De toekomst: tussen ambitie en thuis
Lidia: Denk je na over de toekomst?
Roelien: "Ik wil blijven bijdragen aan een sterke en veilige samenleving, waar iedereen de kans krijgt om het beste uit zichzelf te halen. Mijn focus ligt op het blijven verbeteren van beleid en het vertegenwoordigen van de stem van de burgers."
Lidia: Blijf je het Noorden trouw?
Roelien: "Je kunt het meisje wel uit het dorp halen, maar het dorp niet uit het meisje. Maar als vrijgezel in je eentje in Zuidbroek is het niet de ideale place to be. Wie weet verhuis ik nog eens naar de stad Groningen of het buitenland, als ik daar werk vind.
Als ik haar later uitzwaai in het dorp waar ze opgroeide, besef ik dat de kern van Roelien haar verhaal niet gaat over het kiezen tussen Den Haag of Zuidbroek. Ze ís beide werelden; een samensmelting van hoge hakken en rubberen laarzen. Het meisje uit de Groninger klei dat zich een weg baant door het Haagse pluche om haar idealen te verwezenlijken, zonder zichzelf te verliezen.